Home Mijn Amelisweerd
Mijn Amelisweerd

In 'Mijn Amelisweerd' is plaats voor persoonlijke verhalen met als thema Amelisweerd. Heb je een verhaal voor deze rubriek? Stuur het naar Dit e-mailadres is beveiligd tegen spambots, u heeft JavaScript nodig om het te kunnen bekijken , en misschien verschijnt jouw verhaal op deze plek.

 
De Kromme Rijn

Daar waar Methusalem* langzaam vergaat

heet het Amelisweerd, het laagland langs de Kromme Rijn

ene Amelis mag er ridder zijn

eeuwen voor Hendrik het bebossen laat.


Met langs de Rijn de ‘auen’: weidegronden

vol bosanemoon, speenkruid, gulden boterbloem en klei

goed zichtbare seizoenen komen voorbij

waar het ‘Engels werk’ kronkelend wordt verbonden.


En boven dit lieflijke riviergebeuren

de nachtegaal, de spotvogel en soms een wielewaal

in het voorbos blauwe reigers aan hun middagmaal

en vlinders schermen met de teerste kleuren.


De laaggelegen wilgenvelden heten er grienden

en langs het jaagpad vliegt de blauwe korenboutlibel

de ringslang zonnebaadt en wisselt er van vel

een walhalla is het voor buitenvrienden.


De Kromme Rijn geeft gul aan wie verstaat

met oevers die begroeiing alle ruimte geven

wel elke dag is er iets te beleven

daar waar Methusalem langzaam vergaat.


*naam van een eeuwenoude, in 2006 omgevallen beuk


Een gedicht van Ine Kievits 


 
Amelisweerd in de herst - bijzondere fenomenen

Zwanen voor het MOA, door Bea Groen

Eigenlijk is iedere dag een Dag van Amelisweerd

Op dit moment, aan het begin van de herfst, beginnen de bomen bronzen kleuren te tonen. Eikels en beukennootjes vallen in grote hoeveelheden. Kraaien zijn druk bezig om noten te kraken op het asfalt van de Rhijnauwenselaan. Met een noot in de snavel vliegen ze omhoog, laten de noot vallen en landen er snel naast om te zien of de noot al is open gegaan. Walnoten, hazelnoten, kraaien zijn er gek op. Ze hebben er dan ook veel voor over.

Paddenstoelen rijkdom

De eerste paddenstoelen hebben hun koppen alweer opgestoken. Nog even en Amelisweerd laat zien waar het beroemd om is: de zeldzame russola's, de kluifzwammen, stuifzwammen en vele anderen laten zich uitgebreid bewonderen in het bos. Wees verstandig en laat ze staan. De meesten zijn giftig. En niet alleen de paddenstoelen zijn het bekijken waard. Een grote zwanenfamilie zwemt trots langs het museum. De jonge zwanen van dit voorjaar zijn nu groot, maar krijgen hun witte verenpracht pas volgend jaar. Tegen de zomer is er dan een witte imposante stoet op de rivier.

Joop Spaans over de zwarte essenvoeten

Joop Spaans naast een gevallen es, door Bea Groen

Een bijzondere Amelisweerd-dag is het, wanneer rentmeester Joop Spaans een excursie leidt, zoals onlangs in een paar noordelijke bospercelen (Hoge bos en Rijnsoever). Hij vertelde over het probleem van de essenvoeten. Essen zijn prachtige, hoge rechtopgaande bomen, met problemen die voortkomen uit hun jeugd. Toen groeiden essen nog als essenhakhout. Iedere paar jaar werden namelijk alle uitlopers gesnoeid. Daardoor ontstond langzamerhand een grillig gevormde stronk essenhakhout, waaruit lange rechte takken ontsproten. Onder andere wielspaken maakte men hiermee.

Verspochten

Na de Tweede Wereldoorlog werden de essen niet meer gesnoeid. Veel essen groeiden vanaf dat moment als bomen met één stam op een verdikte voet. Helaas scheuren essen vaak in de lengte. In de scheur sijpelt dan water binnen. Langzamerhand verspocht (i.e. door vocht aangetast, beschimmeld, verrot) de onregelmatig gevormde voet van de es. De kern wordt zwart van binnen en de es moet uiteindelijk gekapt worden. Op de foto zie je Joop Spaans naast een gevallen es.

Een bijzonder Amelisweerd fenomeen dus! Er staan meerdere van deze essen op de landgoederen. Verschillende exemplaren hebben zwarte stronken. Zoek ze eens op.

Tekst en foto's: Bea Groen

 
De Familie Konijn

Een sprookje door Mieke Spronk

Er was eens een konijn. Hij heette Ramses. Hij had een prachtige wildkleur, zwarte oren een een beige neusje. Zijn staartje was roestbruin met zwart. 

Konijnen_Mieke_Spronk

Ramses woonde op een stuk grasland, dat ingeklemd lag tussen het talud van de spoorlijn, de druk bereden snelweg en een brede sloot. Al sinds mensenheugenis woonden daar konijnen. Ramses was een telg uit de vierde generatie van het geslacht Kokowazi. Hij had heel veel broers en zusters, neven en nichten, ooms en tantes en andere familieleden. Met z'n allen vormden ze daar een konijnengemeenschap en woonden ze in het sappige, malse, hoge gras. Ze hadden een uitgebreid stelsel van holen en holletjes gegraven, om beschutting te vinden in de nacht, tegen de kou, tegen de winterse buien, om in te wonen en om hun voedsel in op te slaan. In de vroege ochtend en zo tegen zonsondergang kon je de konijntjes op dat veldje zien springen, hollen en buitelen, een lust om te zien. 

Ramses had zich een vrouwtje gevonden, Tamina, uit het geslacht Kowezi, met wie hij al jaren samen huppelde. Ze hadden vijf en veertig jonkies gekregen, van wie Ramses echt niet allemaal de namen kon onthouden. Meestal riep hij ze met “hé Pluis, kom jij eens hier”. Soms kwamen de kleintjes dan wel, maar lang niet altijd, want ze deden precies waar ze zin in hadden. Er werd wel eens een konijntje aangereden, er werd er wel eens eentje aangeschoten en meegenomen, een enkele werd ziek of ging dood, of werd verschalkt door een roofvogel, maar in het algemeen leefden ze daar lang en gelukkig. Mensen wisten dat ze daar woonden, maar lieten de konijntjes in hun waarde. 

Lees verder...

 
Het Amelisweerd van Edwin Winkels (auteur van Welkom thuis, 2013)


Bijdrage van Edwin Winkels

Geboren op de Abstederdijk, opgegroeid in Hoograven en Kanaleneiland, opgeleid op het Christelijk Gymnasium bij het Ledig Erf en de School voor de Journalistiek aan de Palmstraat, was Amelisweerd natuurlijk jarenlang mijn dichtsbijzijnde uitstapje naar de bossen, op de fiets of, later, de motor. Eerst met de ouders, pannekoeken eten, later zelf, om af en toe te ontsnappen aan de stad. Toen eind jaren zeventig de plannen voor de aanleg van de snelweg bekend werden heb ik het verzet ertegen zoveel mogelijk proberen mee te maken. Zeker op de School voor de Journalistiek, waar ik van 1981 tot en met 1984 studeerde, werd het hele proces van dichtbij gevolgd – het was voor de studenten ook goed materiaal voor talloze verhalen. En als ‘links’ bolwerk trok de halve school naar Amelisweerd op de dagen dat het verzet tegen de aanstaande bomenkap het heftigst was. Ik was, met nog geen 20 jaar, maar een ‘jonkie’ onder de demonstranten, maar herinner me die dagen en nachten als een mooi avontuur met, helaas, een trieste afloop. Een heel klein deeltje van die herinnering heb ik gebruikt in mijn dit jaar verschenen roman Welkom thuis – daarin heeft de A27 trouwens veertien rijbanen omdat het verhaal in de toekomst speelt. Een toekomst waarin de bomen inmiddels wraak hebben genomen op de auto’s, zoals hoofdpersoon Harmen Turksma, woonachtig in Argentinië, ontdekt.

Een kort fragment uit Welkom thuis:

Terwijl de wind in zijn ogen en langs zijn oren gierde, al reden ze niet harder dan veertig kilometer per uur, zag hij achter de geluidswal de bomen zich trots naar de hemel richten. Ze stonden dichtbij, hun kruinen piepten over de afscherming heen, iepen, eiken en beuken wilden de verwaarloosde snelweg heroveren, veertien rijbanen voor niks. Amelisweerd niet geasfalteerd! Harmen was net twee maanden als student in Nederland en Willem had hem al meegesleept in het heroïsche verzet. Nachten hadden ze in boomhutten gebivakkeerd en zich tegen bulldozers en ME verzet. Harmen had ervan genoten, agenten een beetje treiteren, het bos weer bezetten nadat het eenmaal ontruimd was, rechtszaken bijwonen, protestbrieven overhandigen. Er was geen enkele angst voor de overheid, integendeel. Schoppen tegen de marcherende laarzen van de macht. Thuis (in Argentinië) zou hij voor zoiets een van de tienduizenden vermisten zijn geworden, hier werd hij zelfs niet aangehouden. In een spoedcursus tussen de Hollandse bomen was hij zijn angst voor de autoriteit kwijtgeraakt. (...) Na de beroepsopleiding die hij in Tres Arroyos had gevolgd vond de familie het echter geen goed idee in het onrustige Buenos Aires naar de universiteit te gaan, al was toen de macht van de generaals tanende. Landbouwkunde wilde hij doen, wat anders? Op kamers in Utrecht, studeren in Wageningen, alsof hij elke dag van San Cayetano naar Tres Arroyos reisde. Net eenentwintig was hij, meer dan oud genoeg. Waarom niet? Het land van zijn ouders, een veilige democratie, een modern paradijs voor een twintiger. En vader had geld genoeg om hem elk jaar met kerst een ticket te betalen. Kon hij de Hollandse winters even ontvluchten, al sloegen die juist pas na zijn terugkeer in Utrecht genadeloos toe, met twee late Elfstedentochten op rij. Het was er kouder dan in de punt van Patagonië.

Hoe vaak had hij na de protesten niet de nieuwe snel-weg naar Amersfoort genomen, op weg naar Friesland? Zo snel dat hij Amelisweerd niet eens zag liggen. En nu reed hij er weer, hij zat bij Tarik achter op de scooter.

Meer weten? http://edwinwinkels.com/nieuws-2/

 
Een ode aan boom en bos; socratisch gesprek tijdens Inspiratiemiddag BoomBomenBos

Bomen over de waarde van Boom en Bos - Socratisch gesprek

Mensen geven betekenis aan dingen en aan elkaar, vanuit die betekenis ontstaat waarde en verbinding. Dit gesprek is een onderzoek naar wat jou verbindt aan deze bomen, aan dit bos. Waarom wil jij het behouden, wat staat er voor jou op het spel, wat gaat je aan het hart. Een persoonlijke reflectie op de betekenis van boom en bos afgerond met een poëtische benadering tot het onzegbare: een ode aan boom en bos.

Lees hier de prachtige, poëtische antwoorden van de deelnemers

Het Socratisch gesprek tijdens de Inspiratiemiddag BoomBomenBos stond onder leiding van gespreksleider Joop Kools.

 
Ik heb gestemd op (door Harry Bouwhuis)

 

Ik heb gestemd op

 
Spagaat tussen wegen en bossen met zwijgende bomen (door Harry Bouwhuis)

 

 
Regendruppels
Regendruppels vallen op huilende kruinen
glijden langs takken naar beneden
naar de stam staande op wortels.
Bomen in bossen en parken,
oude landgoederen
geaard in donkere grond
maar weinig geroemd
eerder verdoemd en verjaagd.
Voor een snelweg die zich uitrolt
grijs en grauw met witte strepen.
Die het landschap blijft
versnipperen en verscheuren,
om het geluid van vallende
regendruppels niet te laten horen,
op groen nat gehuilde kruinen
in onze natuur.
 
Ingrid van Tellingen
 
Fotowandeling door Amelisweerd

Annemiek van den Berg

Fotowandeling door Amelisweerd, kijk naar de foto's of loop de wandeling zelf, met kaart en GPS coördinaten, klik hier.

 

 
Als bomen wijken

Als bomen wijken
Voor kale wegen
Waar auto's razen
Een kunstwerk neergezet
Om iets te maken wat er niet is.
 
Als bomen wijken rust verdwijnt
Vogels niet meer zingen
Eekhoorn, reëen, wilde zwijnen,
Teruggedrongen zijn.
 
Voor bomen wijken
Wil ik opduiken
Om te zien, te ruiken
Hoe het is, hoe het was
Zoals het altijd hoort te zijn.
 
Als bomen wijken
Bos verdwijnt
Onze heilige koe verschijnt

Ach die bomen kunnen wij missen
Zolang er zuurstof is in flessen.
 
Ingrid van Tellingen

 
Tot hier en niet VERDER

Een wurgslang kronkelt om mijn stad.
Steeds dikker en vetter.
Hevig geraas overal.
Ik kan zijn adem niet ontwijken.
Mijn oren smeken om niet te horen.

De slang heet “vrijheid
om te rijden”.
Zijn voedsel ons dierbaarste bezit.
Onze bomen, ons oude landschap,
onze gezondheid.  

Durf de slang te bestrijden.  
Zoek vaker het avontuur
zonder autodak.
Praat in de regen
in het bushok.
Ontdek de onbekenden.
De betere toekomst
ben je zelf.

Ineke Thierauf

 
Vreemde snuiters in het bos...

Joost Meulenbroek

Tja, zou het al lente zijn? De gevoelstemperatuur zegt af en toe wat anders, maar Amelisweerd en Rhijnauwen zijn op gang gekomen. Er wordt heel wat afgekwetterd en gezongen. Het bos kleurt, wat nu vooral te danken is aan de vele 'stinzenplanten' die de landgoederen zo kenmerken. Er zijn heel veel soorten te bewonderen (meer dan 30 soorten): Als eerste beginnen o.a. sneeuwklokje, winterakoniet en crocus. Deze zijn nu inmiddels bijna uitgebloeid, witte (dichters)narcis, bostulp (zie boven), wilde hyacint en aronskelk nemen het beeld over. In feite kun je de stinzenplanten beschouwen als 'vreemde snuiters'. De bolgewasjes zijn oorspronkelijk niet inheems, meerdere soorten kunnen zich zelfs niet eens via zaad voortplanten. Al in de zestiende eeuw zijn deze bolgewasjes ingevoerd om landgoederen te verfraaien.

SneeuwklokjeMaximilian Henri de Saint Simon, die in 1771 zijn intrek nam in Nieuw Amelisweerd, was zo’n liefhebber. IJverig kwekend heeft hij zijn sporen nagelaten: bekijk de bonte verzameling nu rond het landhuis, deels oud, deels bijgeplant. Behalve het 'gewone' sneeuwklokje is er ook de gevulde variant 'plenus'. In het Markiezenbos aan de overzijde van de Kromme Rijn staan veel 'oude' sneeuwklokjes. In dit bos ligt de Sneeuwklokjeslaan (uitzicht op/vanaf het landhuis). Jammer genoeg is enkele jaren geleden een leiding in de laan gelegd. Vervolgens zijn er weer sneeuwklokjes ingeplant, helaas een 'intratuin'-soort met dikke groene bladeren (G. woronowii). Andere, meer recent aangeplante soorten zijn o.a. (gele) narcis, sneeuwroem en zomerklokje.

Nieuw Amelisweerd kent de grootste variatie aan stinzenplanten, een echte topper. In het Engelse Werk zien we op het eiland een dikke mat met vroeg vergeetmijnietje (voorheen 'amerikaans' vergeetmijnietje genaamd, maar daar komt ie niet vandaan, dus was er weer een ijverige bioloog die de naam veranderd heeft). Bosanemonen, ook met gevulde 'halskraag' vorm, daslook en aronskelken zijn duidelijk aanwezig in Oud Amelisweerd. Het landgoed Rhijnauwen is nog het minst bedeeld.

Kortom, het leermoment van vandaag: laten we zorgvuldig omgaan met het historische stinzenplantenassortiment, zowel bij aanvulling als bij het beheer!

 

Nieuwe exoten

NijlgansNu is het natuurlijk altijd een komen en gaan van planten- en diersoorten, situaties veranderen, er is altijd dynamiek. Als voorbeeld van twee nieuwkomers in Amelisweerd: de nijlgans en de halsbandparkiet.

De nijlgans behoeft nauwelijks introductie: deze vogel heeft zich al jaren geleden breed verspreid in Nederland. Gemakkelijk te herkennen, bovendien maakt hij een hoop kabaal, het klinkt eigenlijk een beetje uit verre streken, toch? Vorig jaar werden er in Amelisweerd al 17 broedparen geteld.

Nog zo'n herriemaker is de halsbandparkiet. Zo'n veertig jaar geleden zijn op twee plekken een paar exemplaren uit volières ontsnapt (Voorburg en Amsterdam). Daar zijn inmiddels in wijde omtrek stevige populaties opgebouwd. Via de Vecht zijn
amsterdammertjes naar Utrecht gevlogen. Vlak voor onze stad aan de westzijde bevindt zich al een groep van meer dan 70 van die schreeuwertjes. En jawel hoor, vorig jaar werd er eentje in Amelisweerd gehoord. Het is een holenbroeder en kan af en toe aardig zijn plekje claimen. Het is een kwestie van tijd, maar dit vogeltje zal meer van zich laten horen...

 

Halsbandparkiet

 
Amelisweerd 2008

utrecht voor beginners de domstad in 127 gedichtenIngmar Heijtze

Geen paniek, we tekenen gewoon maar wat,
een paar speelse potloodlijntjes door een hart,
het kan weer uitgegegumd want alles is voorlopig

en later, als we het netjes hebben ingekleurd
met onze kerfstok uit 1982 - weten jullie nog,
de kettingzagen kunnen zo weer uit het vet -

geven we jullie eerst een paar jaar tijd voor
inspraak en bezwaar en ander ludiek gespartel
in de marge. Als het meezit vragen we ten slotte

de ME nog één keer nostalgisch op jullie
in te slaan want iedereen moet door naar elders
en de snelweg ruist en rolt zich uit en slokt ons op.

 

Ingmar Heijtze, stadsdichter van Utrecht, uit zijn bundel "Utrecht voor beginners", de Domstad in 127 gedichten.

 
Paddenstoelen in Amelisweerd, ook in het voorjaar!

Maurice van Peursem

Amelisweerd is een mooi gebied om te wandelen, het hele jaar door. Maar in het voorjaar misschien wel het meest, met eerst de sneeuwklokjes, later de narcissen en alle andere voorjaarsbloemen. Een opvallende voorjaarsbloem is de bosanemoon, een vriendelijk wit bloemetje dat je overal in Amelisweerd kunt tegenkomen. Er is nog een andere liefhebber van de bosanemoon, en wel de anemonenbekerzwam, die parasiteert op de bosanemoon; en aangezien de bosanemoon in het voorjaar bloeit vind je rond die tijd ook de anemonenbekerzwam. De anemonenbekerzwam is een rode lijst soort, die in Nederland met uitsterven wordt bedreigd.

Een andere opvallende paddenstoel die je in het voorjaar kunt aantreffen is het judasoor. Deze paddenstoel lijkt een beetje op een menselijk oor, en heeft een voorkeur voor de vlier, volgens de geruchten de boom waarin Judas zich zou hebben verhangen nadat hij Jezus had verraden; vandaar de naam.

Dit zijn slechts 2 van de vele soorten paddenstoelen die je in het voorjaar in Amelisweerd kunt aantreffen. Hieronder staan foto's van de bosanemoon en beide paddenstoelen die dit voorjaar zijn gemaakt.

BosanemoonBosanemoon

Bosanemoon

JudasoorJudasoor

Judasoor

Anemonenbekerzwam

Anemonenbekerzwam